Goudkoorts, klopjacht, recordgroei of normale ontwikkelingen in zonne-energie?

In de pers vallen termen als goudkoorts, klopjacht op grond en recordgroei, als het gaat om de ontwikkeling van zonneparken in Nederland. Is er echt sprake van wildgroei? En zo ja, wat betekent dat voor de prijsontwikkeling? En voor de kansen van het MKB?

In de eerste helft van 2018 is er voor € 5,3 miljard aan SDE+-subsidie aangevraagd voor hernieuwbare energie (energie uit onuitputtelijke bronnen zoals zon en wind): 96% voor zonne-energieprojecten. SDE+ staat voor Stimulering Duurzame Energieproductie. Subsidies zijn er voor projecten van bedrijven en instellingen in de categorieën biomassa, geothermie, water, wind en zon. ‘In de pers lijkt het of er een wildgroei van zonneparken is,’ zegt zonne-energiedeskundige Wilfried van Sark (Universiteit Utrecht). ‘Er is veel subsidie voor projecten aangevraagd, maar niet alles wordt toegekend. Als vergunningen niet op tijd voor elkaar zijn krijg je geen subsidie. Dus niet alles wordt gerealiseerd.’ Van Sark onderzoekt de inpassing van zonne-energie in de samenleving en kijkt niet alleen naar Nederland, maar ook naar de internationale ontwikkelingen. Hij werkt al 35 jaar aan onderzoek en ontwikkeling van zonne-energie.

Je kunt veel beter gebruik maken van afgedekte vuilstortplaatsen en de bermen van snelwegen

Wilfried van Sark, Energiedeskundige Universiteit Utrecht

Alternatief voor landbouwgrond

Van Sark: ‘Het ontwikkelen van zonneparken moet zorgvuldig gebeuren, met instemming van de burgers. Mensen zijn bang voor het inpikken van landbouwgrond. Zo’n atmosfeer is er gecreëerd: landbouwgrond wordt vervangen door zonnepanelen. Dat klopt niet met de realiteit, maar je moet wel oppassen met het gebruik van landbouwgrond. Je kunt veel beter gebruik maken van afgedekte vuilstortplaatsen, taluds, de bermen van snelwegen, plassen die niet voor recreatie bestemd zijn. Er is genoeg ruimte die niet controversieel is.’

Meervoudig ruimtegebruik is de term die Geert-Jan ten Napel van het Interprovinciaal Overleg (IPO) gebruikt. Wageningen Universiteit voert nu in Lelystad een proef uit met hooggeplaatste zonnepanelen in combinatie met gewas. ‘We willen zonneparken zo goed mogelijk inpassen, ruimtelijk èn sociaal,’ zegt Ten Napel. ‘Vraag is bijvoorbeeld wie kan er participeren in de parken? Alleen ontwikkelaars of multinationals? Doen energiecorporaties mee? Heeft de regio er ook baat bij?’ Daar moet het beleid op gemeentelijk en provinciaal niveau een rol in spelen.

Omgevingsbeleid is maatwerk

’De regelgeving en bestemmingsplannen zijn nog niet ingericht op de huidige ontwikkelingen,’ signaleert Van Sark. ‘Ambtenaren weten nog niet goed wat ze moeten doen.’ Ten Napel: ‘De provincies zijn beleid aan het ontwikkelen. Zo komt de provincie Flevoland met een structuurvisie voor zon, waarop de gemeenten de bestemmingsplannen kunnen afstemmen. Noord-Holland heeft een strikt beleid en kijkt nu of dat voldoende ruimte biedt. Groningen heeft een ruimhartiger beleid, maar daar zitten de problemen in de netinpassing. Omgevingsbeleid is maatwerk.’

Het voordeel van die tijdelijke zonneparken is dat landbouwgrond weer landbouwgrond kan worden.

Geert-Jan ten Napel van het Interprovinciaal Overleg (IPO)

Sommige provincies zoals Drenthe gebruiken een zonneladder. De zonneladder geeft een rangorde aan in de voorkeur voor de plaatsing van zonnepanelen. Ten Napel: ‘Bijvoorbeeld door eerst zoveel mogelijk zonnepanelen op daken te plaatsen, dan op braakliggend terrein, zoals bedrijfsterrein dat voorlopig niet uitgegeven wordt. Dan tijdelijke zonneparken, waarvan de levensduur wel lang genoeg is om rendabel te zijn. Het voordeel van die tijdelijke zonneparken is dat landbouwgrond weer landbouwgrond kan worden. En je kunt sneller vernieuwen als de techniek verbetert: panelen kunnen gemakkelijk vervangen worden door betere. Met de tijdelijkheid wil je innovatie aanjagen. Als de branche weet dat panelen vervangen zullen worden door efficiëntere, dan kunnen ze hun research en development daar op afstemmen.’

Prijsontwikkeling zonnepanelen

Zorgt de SDE+-subsidie voor het opdrijven van de prijzen van zonnepanelen? Van Sark: ‘Nee. De subsidie wordt jaarlijks aangepast aan de actuele prijzen op de wereldmarkt. Vorig jaar was er overproductie van zonnepanelen, en daardoor daalde de prijs, maar die balans herstelt zich meestal weer binnen een paar maanden. Onlangs heeft China haar beleid aangepast, waardoor in de komende maanden weer een overproductie wordt verwacht. Voor de realisatie van een zonnepark spelen 4 factoren een rol in de kosten: panelen, omvormers, infrastructuur, arbeid. Met het steeds goedkoper worden van zonnepanelen en omvormers, worden de andere kostenposten belangrijker. In Nederland liggen de arbeidskosten hoger dan in een land als Egypte.’ Het aandeel van de zonnepanelen in de totale investering is nu relatief klein.

Rol internationale partijen

De SDE+-subsidie is van groot belang, volgens Van Sark: ‘Dat maakt projecten economisch haalbaar Het is waar dat internationale partijen op de subsidie afkomen, maar de markt is nu wat rustiger dan een jaar of 7 geleden.’ Het is een internationale markt: ‘De hardware komt meestal uit Azië. Maar de werkgelegenheid komt vaak wel terecht bij lokale partijen, ook al gaat de winst naar het buitenland. In de huidige situatie wint Nederland ook door een groter aandeel zon in duurzame energieopwekking.’

MKB profiteert mee

De mogelijkheden voor het MKB liggen niet zozeer in het zelf aanvragen van SDE+-subsidie, volgens Van Sark: ‘Wel in het ondersteunen van andere ondernemers of aanvragers. Consultants kunnen hulp bieden bij de subsidieaanvraag. En installatiebedrijven hebben natuurlijk een groot aandeel in de ontwikkeling van zonneparken en installaties bij particulieren. Dat is goed voor de werkgelegenheid.’ MKB Nederland bevestigt dat het MKB voldoende meeprofiteert van zonne-energie.

Het opwekken van zonnestroom zal met 10 – 15 jaar rendabel zijn zonder subsidies.

Wilfried van Sark, Energiedeskundige Universiteit Utrecht

Najaarsronde SDE+

In het najaar komt er een nieuwe SDE+-subsidieronde voor een nog onbekend bedrag. Het budget voor de SDE+-voorjaarsronde 2018 bedroeg € 6 miljard. Minister Wiebes van Economische Zaken en Klimaat maakt het beschikbare budget en de voorwaarden voor de openstelling van de najaarsronde voor de zomer via een Kamerbrief bekend. Naar verwachting gaat de SDE+-najaarsronde in september/oktober 2018 open.

Wilfried van Sark verwacht dat het opwekken van zonne-energie op termijn zonder subsidies kan: ‘Het opwekken van zonnestroom zal met 10 – 15 jaar rendabel zijn zonder subsidies.’

Interessant artikel?