Fiscale wijzigingen 2018; wat zijn de gevolgen voor ondernemers?

2017 heeft alweer plaats gemaakt voor 2018. En hoewel er in het Belastingplan 2018 weinig spannende fiscale wijzingen staan voor zzp’ers en mkb’ers, zijn er toch een aantal belangrijke ontwikkelingen te melden. Wij nemen ze met u door.

1. Ontwikkelingen DBA

In het regeerakkoord staat dat de Wet DBA vervangen gaat worden door een systeem van opdrachtgeversverklaringen. Met deze verklaring kan zekerheid worden gekregen dat er geen loonheffing en premies afgedragen hoeven te worden. De opdrachtgever krijgt ook de verantwoordelijkheid om kenmerken van de arbeidsrelatie met de zzp’er in te vullen en te controleren.

De markt wordt daarnaast onderverdeeld in drie categorieën:

  • Laag tarief: onder bepaalde voorwaarden ontstaat een verplichte dienstbetrekking
  • Gemiddeld tarief: mogelijkheid opdrachtgeversverklaring
  • Hoog tarief: keuzemogelijkheid om buiten dienstbetrekking te werken

Het streven is dat dit systeem per 1 januari 2020 ingaat. Het is wel belangrijk om te weten dat de fiscale risico’s van het inhuren van zzp’ers zeer beperkt zijn. Er kunnen wel civielrechtelijke gevolgen optreden. Als de zzp’er toch in loondienst is, dan kan bijvoorbeeld bij de ondernemer doorbetaling bij ziekte worden afgedwongen.

2. Inzet van hybride structuren

Een andere fiscale ontwikkeling is dat hybride structuren binnen het mkb steeds vaker worden ingezet. Dit gebeurt als de bestaande bv-structuur wordt gecombineerd met het ondernemerschap binnen de inkomstenbelasting, bijvoorbeeld wanneer de werk-bv vennoot wordt in een vennootschap onder firma, waar ook de dga vennoot van is. Op deze manier kan het gebruikelijk loon worden omgezet in een lager belast winstaandeel. Ook kan er geprofiteerd worden van de ondernemersfaciliteiten in de inkomstenbelasting, zoals willekeurige afschrijving voor startende ondernemers en de zelfstandigenaftrek.

Let er wel op dat er ook nadelen aan deze structuur zitten. Laat u daarom goed voorlichten door kundige adviseur.

3. Ontwikkelingen rondom de auto van de zaak

Voor plug-in hybrids is er geen laag bijtellingstarief meer van toepassing. Er is alleen nog een laag 4% bijtellingstarief voor elektrische auto’s. Vanaf 2019 geldt dit lage tarief alleen nog voor het deel van de cataloguswaarde tot € 50.000.
Bent u van plan de komende tijd een duurdere elektrische zakelijke auto aan te schaffen en ook privé te gaan rijden? Dan is het dus een aanrader dit nog in 2018 te doen.

Veel ondernemers zullen met hun auto van de zaak nog binnen de 60-maanden termijn zitten en daarom nog een lagere bijtelling hebben. Let daarom goed op wanneer deze termijn afloopt. De bijtelling gaat na afloop van de termijn namelijk direct naar 25%, tenzij u een elektrische auto rijdt! Met name voor ondernemers in de inkomstenbelasting zorgt dit aan het einde van het jaar voor een vervelende verrassing, als u dit niet voor bent.

4. Ontwikkelingen regeerakkoord

Natuurlijk zijn er voor ondernemers ook belangrijke wijzigingen op komst in de komende jaren. Zo worden aftrekposten zoals de zelfstandigenaftrek straks tegen een lager tarief aftrekbaar en wordt het tarief van de vennootschapsbelasting verlaagd en het tarief in box 2 verhoogd.

Voor nu is al wel belangrijk om goed te kijken naar extra afschrijvingsmogelijkheden op onroerende zaken in eigen gebruik binnen bv-structuren. Een voorbeeld is een verhoging van het afschrijvingspercentage. De komende jaren wordt de afschrijvingsmogelijkheid namelijk beperkt.

Interessant artikel?